Dragerschap en besmettelijkheid

Bekende verwekkers van meningitis en/of sepsis zijn pneumokokken en meningokokken. Beiden leven in de slijmvliezen van de neus- en keelholte als een onschuldige, tijdelijke, bewoner.  Ongeveer één op de 10 mensen is drager van de meningokok, dragerschap van de pneumokok ligt nog hoger.

Drager zijn wil dus niet zeggen dat iemand ziek wordt! De bacterie of het virus is besmettelijk, maar de ziekte niet.

Bij de meeste mensen blijft de bacterie tijdelijk in de slijmvliezen om daarna te verdwijnen, maar in sommige gevallen kan hij via de slijmvliezen ook in de bloedbaan terecht komen. Eenmaal in de bloedbaan kunnen zowel de meningokok als de pneumokok sepsis veroorzaken. Hetzelfde geldt voor andere bacteriën als Hib (Haemophilus influenzae type b) of virussen.

Waarom sommige mensen wel en (veel) andere mensen niet ziek worden is onbekend. Factoren als verminderde weerstand, roken en erfelijkheid spelen een rol, maar zijn niet doorslaggevend. Dankzij wetenschappelijk onderzoek, in Nederland vooral in het Academisch Medisch Centrum (AMC)-Amsterdam UMC wordt er steeds meer bekend over de genetische factoren, wat in de toekomst kan helpen bij preventie en behandeling van meningitis.

Neonatale meningitis en/of sepsis wordt in de meeste gevallen veroorzaakt door groep B streptokokken bacterie (GBS) en de E. coli. Deze bacteriën komen voor in het maag/darmkanaal van sommige personen. Ze kunnen worden overgedragen via uitwerpselen en slechte hygiëne (handen wassen na een toiletbezoek!) en bereiken vervolgens weer via de slijmvliezen van de neus-keelholte de patiënt.

Incubatietijd

Bacteriële meningitis ontwikkelt zich meestal tussen de 2 tot 10 dagen nadat de patiënt met de bacterie besmet is geraakt. 
Virale meningitis ontwikkelt zich meestal tussen 2 tot 8 dagen nadat de patiënt met het virus besmet is geraakt.